Beurzen NAP+ en Unfair zijn niet van het type kunst voor boven de bank, wel van het grote gebaar: ‘Maar groot worden is niet de bedoeling’

Kees Keijer en Edo Dijksterhuis, Het Parool, September 16, 2026
NAP+ is een beurs voor galeries die georganiseerd wordt door galeriehouders. Unfair is een beurs voor en door kunstenaars. Ze vinden plaats op een steenworp afstand van elkaar. Van concurrentie is geen sprake, zeggen de organisatoren: hoe meer mensen er voor hedendaagse kunst naar Amsterdam komen, hoe beter.

Nikki Vroom: ‘One Hole’

 

Unfair: kunst met lef en niet van het type ‘voor boven de bank’

Unfair 2026 gaat ‘back to the future’. Dat thema slaat onder meer op de terugkeer naar de Gashouder in West, die vorig jaar dicht was vanwege verbouwing. Maar grote kans dat u weinig ziet van de bouwkundige ingrepen, want de beursstands eisen alle aandacht op. Ze staan niet, zoals op een traditionele beurs, netjes in het gelid langs overzichtelijke, rechte gangen maar kriskras door de ruimte. Beursbezoek is hier een ontdekkingstocht die vaak dwars door stands leidt, waardoor je altijd dicht op de kunst staat.

 

Zoals op de computerschermen waarop Romina Koopman foto’s heeft geprint: een fascinerende combinatie van digitale drager en analoog beeld. Of het nieuwe werk van Thomas Kuijpers, die eerder indruk maakte met installaties van mokken, puzzels, T-shirts en andere souvenirs van de Twin Towers. Nu heeft hij de camera gericht op andere vormen van Amerikaans verval. Schitterend is de close-up van een Elon Musk-biografie, die er kapot gelezen en door vocht aangevreten uitziet.

 

Romina Koopman: ‘Mirror’

 

Voor een goed overzicht van de stands met werk van 44 deelnemende kunstenaars kunnen bezoekers terecht op de nieuwe vide. Hier is ook Dear Books te vinden, een gratis te bezoeken beurs voor kunstenaarsboeken. Vanaf het begin in 2014 heeft Unfair aandacht besteed aan deze expressievorm, maar in samenwerking met Pleasant Place en Terry Bleu is de kunstenaarsboekenbeurs nu groter dan ooit. Op ongeveer 250 vierkante meter is het aanbod van zestig internationale uitgevers te vinden.

 

Circulair fonds

Back to the future betekent ook: terug naar de roots. Bij Unfair is dat: ruimte voor talentontwikkeling. En het besef dat je dat in Nederland niet in je eentje doet. Kunstenaars kunnen stappen zetten door een fijnmazig netwerk van kunstenaarsinitiatieven en presentatieplekken dat vaak onder de radar van het grote publiek opereert. Maar op Unfair worden ze in de spotlight gezet. Uit Noord-Brabant is Inversie aanwezig en Groningen wordt vertegenwoordigd door het resort. De Amsterdamse delegatie bestaat uit het Prins Claus Fonds, Outsider Art Studios, Sexyland World en Oscam.

 

Bij talentontwikkeling hoort ook het mogelijk maken van nieuw werk. Daarvoor heeft Unfair iets ontwikkeld dat uniek is in kunstbeurzenland: een circulair fonds. Beginnende kunstenaars kunnen hieruit geld krijgen om iets bijzonders te maken. Als het werk verkocht wordt, storten ze een percentage van de opbrengst terug in de pot, die verder wordt aangevuld door sponsors. Zo is er weer startkapitaal voor een volgende kunstenaar.

 

Bob Demper: ‘Amakudari’ 

 

Wat overigens niet betekent dat de deelnemers aan Unfair allemaal net afgestudeerd zijn. Er wordt gestreefd naar een mix van starters en kunstenaars die al een tijdje meedraaien. Zo is Pris Roos bekend van de wandschildering Aan tafel in de Staatsliedenbuurt en presenteerde Verena Blok begin dit jaar de indrukwekkende tentoonstelling Love Shit in Foam. De eigenzinnige Jonat Deelstra baarde vorig jaar opzien met zijn urnen voor diepzeebegrafenissen en Bonnie Ogilvie weet met haar textielwerk de grens tussen kleding, sculptuur en architectuur te slechten.

 

Midgetgolfbaansculptuur

Als er één ding is dat de Unfair-deelnemers verbindt, is het lef. Het getoonde werk is doorgaans niet ‘lekker verkoopbaar’ en niet van het type ‘voor boven de bank’. Waar stands op reguliere kunstbeurzen nogal eens winkeltjes zijn, krijgt het grote gebaar hier ruim baan. Zo ontwierp Nikki Vroom een midgetgolfbaansculptuur en daagt Bob Demper bezoekers uit om zijn grote draaideur in beweging te zetten.

 

Verre van commercieel is ook het werk van Nadie Borggreve. Zij maakte een boogvormig wandkleed van handmatig geverfde wol dat drie meter breed is en minstens zo hoog – niet bepaald huiskamerformaat. Door gaten in de stof schemert de tekening die ze erachter plaatste. In de broeierige gloed en aangename duisternis klinkt Borggreves voorliefde voor de experimentele elektroband Coil door.

 

Misschien wel het meest opmerkelijke werk van Unfair 2026 is A Womb is no Home van Lakisha Apostel. Gedurende de looptijd van de beurs wordt deze performance opgevoerd, waarin zij het verlangen naar een thuis onderzoekt.

 

 

NAP+: geen verzameling ‘winkeltjes’, kunst neemt hier een risico

Hoe laat je een kunstbeurs groeien zonder dat hij groter wordt? Dat is ongeveer de opgave die Sara Lang en David van Doesburg zichzelf hebben gesteld voor de derde editie van NAP+ in de Centrale Markthal in Amsterdam, met iets meer galeries, een strengere selectie en een uitgebreider programma dan de vorige.

 

Werk van Eric Giraudet de Boudemange, galerie Martin van Zomeren 

 

“Maar een grote beurs worden? Dat is helemaal niet de bedoeling,” zegt Van Doesburg. Zodra een beurs te groot wordt, gaat volgens hem onvermijdelijk de kwaliteit omlaag. “Als je boven de zestig galeries komt, krijg je al snel een paar straten met geweldige presentaties en wordt het daarna steeds minder. Dat zie je wereldwijd.”

 

NAP+ blijft daarom steken op ruim vijftig deelnemers. De stands blijven bovendien even groot: 36 vierkante meter, met twee wanden van zes meter. En ook de prijs is voor deelname is nog altijd 3500 euro. Vorig jaar beloofden Lang en Van Doesburg al dat bedrag de eerste vijf edities niet te verhogen.

 

Installatie, solopresentatie

Van Doesburg noemt NAP+ zelfs ‘de goedkoopste beurs van Europa, misschien wel van de wereld’. Omdat deelname relatief weinig kost, kunnen galeries volgens de organisatoren meer risico nemen. Geen wand vol gemakkelijk verkoopbare schilderijen, maar bijvoorbeeld een installatie, een solopresentatie of werk van een kunstenaar met wie een galerie nog nauwelijks heeft samengewerkt.

 

Dat uitgangspunt wordt dit jaar strenger bewaakt. Een nieuwe selectiecommissie keek bij de aanmeldingen nadrukkelijk eerst naar het plan voor de stand en pas daarna naar de naam van de galerie. “Niet andersom, zoals je vaak ziet,” zegt Van Doesburg. “Je wilt zien dat iemand er een idee bij heeft.”

 

Anne-lise Coste: ‘Facho Macho’, 2025, Ellen de Bruijne Projects 

 

Volgens Lang begint die boodschap inmiddels aan te komen. Galeries die in eerdere jaren met een wat conventionelere presentatie kwamen, begrijpen beter dat NAP+ geen verzameling ‘winkeltjes’ wil zijn. Sommige oud-deelnemers die dit jaar niet terugkeren, hebben daar, volgens haar, inmiddels ‘enorme fomo’ over.

 

Radiostation Echobox

Tussen bekende Amsterdamse namen als Upstream, Torch, Ellen de Bruijne Projects en The Ravestijn Gallery staan dit jaar ook nieuwkomers en buitenlandse deelnemers. België is onder meer vertegenwoordigd door de Gentse galeries Kristof De Clercq, Tatjana Pieters en Settantotto. Ruby Soho Gallery uit Den Bosch is nog jong, net als de Amsterdamse South Asian Contemporary Art Gallery, die op NAP+ aan haar eerste kunstbeurs deelneemt. Ook de artist-run gallery Artinfected uit Buitenveldert doet voor het eerst mee.

 

Voor het derde jaar werkt NAP+ samen met het Amsterdamse online radiostation Echobox. Vera Bertheux en Louiza de Blok van NAP+ stelden samen met Echobox een programma samen op basis van onderwerpen die in de kunst op de beurs veel terugkomen.

 

Op vrijdag gaat het over migratie, gemeenschap en de vraag waar iemand thuishoort. Zaterdag staat Art & the Political Body centraal, over onder meer macht, identiteit en wie in de kunstwereld bepaalt wat zichtbaar wordt. Zondag gaat het over natuur, rituelen en folklore. De gesprekken en muziek zijn live op de beurs te volgen en worden via Echobox uitgezonden. Lang herinnert zich dat sommige jonge luisteraars bij de eerste editie nog vragen stelden als: wat is eigenlijk een kunstbeurs? “Je merkt dat dat publiek met ons is meegegroeid.”

 

Dicht bij elkaar

Ook het curatorencollectief By and By krijgt opnieuw een eigen onderdeel. De presentatie tussen de galeries speelt met de codes en verwachtingen van een kunstbeurs. Wie er zonder voorkennis binnenloopt, moet zelf maar ontdekken wat er precies aan de hand is.

 

Intussen valt NAP+ dit jaar tegelijk met Unfair. Concurrentie zien Lang en Van Doesburg daarin niet. Integendeel: beide beurzen zitten dicht bij elkaar en hoe meer mensen er voor hedendaagse kunst naar Amsterdam komen, hoe beter.

 

Robin Phoenix Whitehouse & Todor Rabadzhiyski: ‘Champagne bucket with stand’, 2026, galerie Dürst Britt & Mayhew. Bron foto Gert Jan van Rooij

 

Het idee dat NAP+ uiteindelijk zou kunnen uitgroeien tot de ontbrekende grote Amsterdamse tegenhanger van Art Rotterdam wijzen de organisatoren van de hand. “Groter is wat mij betreft niet beter,” zegt Lang. “Als je duurder wordt, komt iedereen weer met bekende namen of makkelijk verkoopbaar werk. Terwijl het juist leuk is dat hier jonge kunstenaars staan en galeries iets kunnen proberen wat ze op een andere beurs niet zouden doen.”

 

NAP+, Centrale Markthal; Unfair, Gashouder, 17/9 t/m 20/9